De of het schaapsherde?
De schaapsherde
Is het de of het schaapsherde
In de Nederlandse taal gebruiken wij de schaapsherde.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: Sheep Shepherd
Jou of jouw: jouw schaapsherde
Buigings-e:
Mooi of mooie schaapsherde
Groot of grote schaapsherde
Half of halve schaapsherde
Grappig of grappige schaapsherde
Leeg of lege schaapsherde
leuk of leuke schaapsherde
Vet of vette schaapsherde
Snel of snelle schaapsherde
Wit of witte schaapsherde
Klein of kleine schaapsherde
Rood of rode schaapsherde
Dik of dikke schaapsherde
Oud of oude schaapsherde
Goed of goede schaapsherde
Wat rijmt er op schaapsherde
Elk of elke: Elke schaapsherde
Aanwijzend voornaamwoord: Die schaapsherde
Bezittelijk voornaamwoord: Onze schaapsherde
Wat rijmt er op schaapsherde
Buigings-e:
Mooi of mooie schaapsherde
Groot of grote schaapsherde
Half of halve schaapsherde
Grappig of grappige schaapsherde
Leeg of lege schaapsherde
leuk of leuke schaapsherde
Vet of vette schaapsherde
Snel of snelle schaapsherde
Wit of witte schaapsherde
Klein of kleine schaapsherde
Rood of rode schaapsherde
Dik of dikke schaapsherde
Oud of oude schaapsherde
Goed of goede schaapsherde
Wat rijmt er op schaapsherde
Elk of elke: Elke schaapsherde
Aanwijzend voornaamwoord: Die schaapsherde
Bezittelijk voornaamwoord: Onze schaapsherde
Wat rijmt er op schaapsherde
Oefening van de dag



