De of het zorgopdracht?
De zorgopdracht
Is het de of het zorgopdracht
In de Nederlandse taal gebruiken wij de zorgopdracht.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: care contract
Jou of jouw: jouw zorgopdracht
Buigings-e:
Mooi of mooie zorgopdracht
Groot of grote zorgopdracht
Half of halve zorgopdracht
Grappig of grappige zorgopdracht
Leeg of lege zorgopdracht
leuk of leuke zorgopdracht
Vet of vette zorgopdracht
Snel of snelle zorgopdracht
Wit of witte zorgopdracht
Klein of kleine zorgopdracht
Rood of rode zorgopdracht
Dik of dikke zorgopdracht
Oud of oude zorgopdracht
Goed of goede zorgopdracht
Wat rijmt er op zorgopdracht
Elk of elke: Elke zorgopdracht
Aanwijzend voornaamwoord: Die zorgopdracht
Bezittelijk voornaamwoord: Onze zorgopdracht
Wat rijmt er op zorgopdracht
Buigings-e:
Mooi of mooie zorgopdracht
Groot of grote zorgopdracht
Half of halve zorgopdracht
Grappig of grappige zorgopdracht
Leeg of lege zorgopdracht
leuk of leuke zorgopdracht
Vet of vette zorgopdracht
Snel of snelle zorgopdracht
Wit of witte zorgopdracht
Klein of kleine zorgopdracht
Rood of rode zorgopdracht
Dik of dikke zorgopdracht
Oud of oude zorgopdracht
Goed of goede zorgopdracht
Wat rijmt er op zorgopdracht
Elk of elke: Elke zorgopdracht
Aanwijzend voornaamwoord: Die zorgopdracht
Bezittelijk voornaamwoord: Onze zorgopdracht
Wat rijmt er op zorgopdracht
Oefening van de dag



